Dag 2-3: Hoofd dat tollen en agressie. Hoe ik de storm bedaarde

Ik werd wakker op dag 2 en voelde het meteen. Dit werd geen makkelijke dag. Mijn hoofd tolde, mijn lichaam voelde gespannen als een veer, en alles om me heen irriteerde me. Het geluid van de klok, het licht door het raam, de ademhaling van mijn vrouw naast me. Niks was goed.

Dit is de fase die niemand je vertelt. De eerste dag is wennen, leegte. Dag 2 en 3 zijn oorlog. Je lichaam schreeuwt om nicotine, en als het niet krijgt wat het wil, wordt het boos. Heel boos.

De Hulk in mij

Ik liep naar de keuken en wilde koffie zetten. Het apparaat deed er te lang over. Normaal geen probleem, nu een ramp. Ik voelde de woede opkomen, warm en rood. Waarom duurt dit zo lang? Waarom is alles zo moeilijk? Ik wilde iets kapot maken, tegen de muur slaan, schreeuwen.

En toen gebeurde het. Mijn vrouw vroeg vriendelijk: “Gaat het, schat?” En ik snauwde: “Nee, het gaat niet! Laat me met rust!” Meteen schaamde ik me. Dit was ik niet. Dit was de verslaving die uit mijn mond sprak. Ik zag de pijn in haar ogen en voelde me nog rotter.

Dit is wat nicotine met je doet als het wegblijft. Het maakt een monster van je. Maar ik wist dat ik er iets tegen moest doen. Ik kon niet drie weken zo door blijven gaan. Mijn huwelijk zou het niet overleven, en ikzelf ook niet.

Actie 1: Water, water, water

Ik had ergens gelezen dat water drinken helpt tegen de drang. Geen idee of het waar was, maar ik probeerde het. Ik pakte een grote fles, zette die naast me, en dronk. En dronk. En dronk.

Wat bleek? Het hielp echt. Niet omdat water de nicotinehonger stilt, maar omdat het je handen en mond bezighoudt. Elke keer dat ik naar een sigaret wilde grijpen, pakte ik de fles. Ik dronk kleine slokjes, deed alsof het een ritueel was. En het gaf me even rust.

Bovendien spoelde het al die troep uit mijn lichaam. Ik moest vaker naar de wc, maar dat was oké. Het gaf me even afleiding, even lopen, even iets anders doen. Water werd mijn bondgenoot.

Actie 2: Ademen als een monnik

Toen de agressie weer oplaaide, herinnerde ik me iets over ademhaling. Een vriend had me ooit een simpele truc geleerd: adem 4 seconden in, houd 4 seconden vast, adem 4 seconden uit, wacht 4 seconden. Vierkant ademen noemde hij het.

Ik ging op de bank zitten, sloot mijn ogen, en begon. In… vasthouden… uit… wachten. In… vasthouden… uit… wachten. In het begin voelde het stom. Mijn hoofd schreeuwde nog steeds. Maar na een paar minuten gebeurde er iets. Mijn hartslag zakte, mijn schouders ontspanden, de rode waas trok weg.

Ik deed het telkens opnieuw. Bij elk moment dat de agressie oplaaide, ging ik zitten en ademde. Soms vijf minuten, soms tien. Het werkte niet altijd meteen, maar het gaf me een wapen in de strijd. Een pauzeknop voor mijn gevoelens.

Beste stoppillen

Name

Active Ingredient

Price

Link

$ 2.60 per pill

;

$ 1.39 per pill

;

$ 1.16 per pill

;

Actie 3: Bewegen, hoe klein ook

Op dag 3 was de agressie nog steeds aanwezig, maar ik had er meer grip op. Toch waren er momenten dat het te veel werd. Dan wilde ik schreeuwen, slaan, rennen. Op zo’n moment trok ik mijn schoenen aan en ging naar buiten. Niet voor een lange wandeling, maar gewoon een blokje om. Snel, bijna rennend.

De beweging hielp. Het verbrandde de energie die anders in woede zou gaan zitten. Ik stampte bijna op de grond, ademde diep de koude lucht in, en voelde me na tien minuten rustiger. Terug thuis kon ik weer relativeren. Het was maar een golf, en hij was gezakt.

Op dag 2 deed ik push-ups tegen de muur in de keuken. Op dag 3 liep ik drie keer een straatje om. Het maakt niet uit wat je doet, als je maar beweegt. Het haalt de scherpe randjes eraf.

Wat ik nog meer deed

Naast water, ademen en bewegen, ontdekte ik nog een paar dingen die hielpen:

Ik waarschuwde mijn omgeving. Ik zei tegen mijn vrouw en collega’s: “Deze dagen ben ik prikkelbaar. Het is de verslaving, niet ik. Als ik raar doe, geef me dan even ruimte.” Dat maakte het makkelijker voor iedereen, en ik hoefde me minder te schamen.

Ik at kauwgom. Veel kauwgom. Het gaf mijn kaken werk en mijn mond afleiding. Ik kocht suikervrije varianten, want ik wilde ook geen tandartsrekening erbij.

Ik vermeed situaties die me triggreden. Geen koffie terrasjes, geen borrels, zelfs even geen nieuws met spanning. Ik was in overlevingsmodus, en alles wat me rustig hield was goed.

Het einde van dag 3

Op de avond van dag 3 zat ik op de bank. Ik was doodop, maar ook opgelucht. De ergste pieken waren geweest. Ik had niet geslagen, niet geschreeuwd (nou ja, bijna niet), niet gerookt. Ik had water gedronken, geademd, bewogen. Ik had de storm overleefd.

Mijn vrouw kwam naast me zitten en legde haar hand op mijn been. “Gaat het?” vroeg ze. Ik knikte. “Ja, het gaat. Het was zwaar, maar ik heb het gedaan.” Ze glimlachte. “Ik ben trots op je.”

En toen besefte ik: dit is pas het begin. Dag 4, 5, 6 komen eraan. Maar ik heb nu gereedschap. Ik weet wat werkt. Water, ademen, bewegen. Het klinkt simpel, maar in de chaos van de ontwenning zijn het reddingsboeien. Gebruik ze, als je ze nodig hebt.

Robert

Robert van Dongen
Rate article